AG Eindhoven, bijzondere activiteiten in goed gezelschap

literaire kring

MIKLOS BÁNFFY( 1873-1950)

'Geteld, geteld' ( 1934)

7 juni 2022, 19.30 uur,
Mogelijkheid diner vooraf, vanaf 18.00 uur

Balkonkamer:  

 

Literaire Kringleden: via aanmeldknop 'leden', gebruik kortingscode, toegang gratis
Overige AG-leden: via aanmeldknop ‘leden’, toegang € 5
Belangstellenden: via aanmeldknop ‘belangstellenden’, toegang € 10

Inleiding door Runa Hellinga:
(AG-lid en oud-correspondent in Hongarije en Roemenië)

De adel, en dan vooral de aristocratie, speelde voor de Eerste Wereldoorlog een doorslaggevende rol in het Hongaarse publieke leven. Een groot deel van het land was bezit van prinsen, graven en baronnen, en zij waren het ook die de Hongaarse politiek bepaalden. In ‘Geteld, geteld’, deel één van een trilogie die eindigt met de ondergang van deze wereld, beschrijft graaf Miklós Bánffy, zelf een vooraanstaand telg van een vooraanstaande aristocratische familie, het leven van die families van binnenuit. Zijn werk wordt wel eens vergeleken met dat van Tolstoi.

‘Geteld, Geteld’ draait om twee hoofdpersonen, twee neven. De ene is de op Bánffy zelf geënte graaf Bálint Abády, geboren in een oude Transsylvanische adellijk geslacht en afgevaardigde in het Hongaarse parlement. Net als bij Bánffy is Bálints leven verdeeld tussen Boedapest en Transsylvanië (in het huidige Roemenië), waar hij de landerijen van zijn familie bestiert.
De andere is Lászlo Gyeröffy, een begenadigd musicus en componist. Jong wees geworden worstelt hij met een minderwaardigheidscomplex. Als kind was hij altijd afhankelijk van de goedertierenheid van anderen en nu vergooit hij zijn talent en leven aan zijn toenemende drank- en gokverslaving.

Aan de hand van hun leven tekent Bánffy een levendig en minutieus portret van een verdwenen wereld, van bals, uitvoerige diners onder fonkelende kandelaars, grootse jachtpartijen, gepassioneerde liefdesrelaties en zorgvuldig gearrangeerde huwelijken en, waarin een kleine belediging tot een dramatisch duel kan leiden en sommigen alles doen om de schone schijn op te houden. Maar ook een wereld waarin verkrachte dienstmeisjes met lege handen zwanger naar hun dorp terug worden gestuurd. 
De twee neven tonen twee gezichten van die wereld. Bálint is de verantwoordelijke, eigenaar van uitgebreide landerijen en, net als Bánffy zelf, een politiek en sociaal bewogen man. Een belangrijk deel van zijn leven (en van het boek) wordt bepaald door de complexe politieke situatie van dat moment, inclusief vechtpartijen in het parlement. 
László zoekt zijn succes in het societyleven in Boedapest. Hij geeft zijn muziekstudie op om beroepsgokker te worden. Dat kost hem niet alleen de vrouw van wie hij houdt, maar ook zijn vermogen en zijn eer.

In de volgende twee delen van de trilogie, ‘Te licht bevonden’ en ‘Uiteengescheurd’ beschrijft Bánffy hoe de aristocratie zonder het te beseffen onherroepelijk afkoerst op het einde, dat door de Eerste Wereldoorlog wordt ingeluid. Het eerste deel verscheen in 1934, niet zo lang voor de Tweede Wereldoorlog.

Als lid van de aristocratie raakte Bánffy na de Tweede Wereldoorlog in vergetelheid. Zijn landgoed Bonchida werd door de communistische autoriteiten in Roemenië gevorderd, zijn boeken werden niet herdrukt tot de jaren tachtig, toen het communisme langzamerhand wat milder werd. Hijzelf stierf, ziek en zwaar verarmd, in 1950 in Boedapest.


Deel deze pagina op uw sociale media